Bijen

Honingbijen komen in Nederland bijna niet meer voor in het wild. Het zijn huisdieren, die door een imker verzorgd worden. Op onze boerderijen staan bijenvolken van Danny Bonte en Cor Leep. Hij verzorgt de volken. De honing kun je kopen.

Bijenkast
Onze bijen wonen in een bijenkast. Binnenin zijn heel veel kamertjes met zes muren, cellen genoemd. De werksters, vrouwtjesbijen, hebben deze kamertjes gemaakt voor de larven. De koningin legt de eitjes in de cellen, waaruit na 3 weken de larven worden geboren. De temperatuur in een bijenkast is ’s zomers ongeveer 35 graden. In de winter 15 graden. De bijen kunnen zelf de temperatuur regelen. Dat doen ze door te trillen met hun vliegspieren. Hierbij komt warmte vrij. 
Als er zoveel bijen worden geboren dat de korf te vol wordt dan vliegt de koningin met de helft van de bijen weg en begint in een andere kast een nieuw volk. De andere helft zorgt ervoor dat er een nieuwe koningin wordt geboren. De werksters kiezen hiervoor een larve uit, die ze met speciaal koninginnenvoer gaan voeren. Dit wordt dan de nieuwe koningin.

Taakverdeling
Een bijenvolk bestaat in de zomer uit ongeveer 50.000 bijen. De meeste van deze bijen zijn vrouwtjes: de werksters. Zij worden ongeveer 6 weken oud. Er is 1 koningin. Zij is groter dan de andere bijen. Zij is de enige die eitjes legt. De mannetjes (darren) hoeven niet te werken. Hun belangrijkste taak is het bevruchten van de koningin. Na de bevruchting gaat de dar dood. De werksters halen nectar uit de bloemen en bewaren die in hun honingmaag. In de bijenkast wordt de nectar doorgegeven aan andere werksters en opgeslagen in de honingraten. Door de hoge temperatuur in de kast verdampt water uit de nectar en dikt het in tot honing.

Larven
Na drie dagen komen er kleine larven uit de eitjes. De werksters gaan voor deze larven zorgen. Ze voeren de larven met koninginnenbrij en bijenbrood. Na veel vervellingen, spint de larve een cocon. In de cocon verpopt de larve zich en verandert hij langzaam in een bij. Na ongeveer 21 dagen is het bijeneitje veranderd in een honingbij!

Honingbij-duurzaamheid

Stuifmeel
Wanneer bijen bij een bloem komen om nectar te verzamelen, blijft stuifmeel van de bloem aan de haartjes van de bij kleven. Op die manier nemen bijen het stuifmeel mee naar een volgende bloem waardoor de bloem bestoven wordt. Pas na de bestuiving kan er een vrucht groeien. Bijen zijn dus heel belangrijk voor een boer die fruitbomen heeft.

Angel
Veel mensen zijn bang voor bijen omdat ze kunnen steken. Bijen hebben een angel maar die gebruiken ze niet snel om te steken. Pas als de bij zelf of het bijenvolk echt in gevaar is, steekt ze. Aan de angel zitten kleine weerhaakjes waardoor de angel in de huid van mensen of dieren blijft zitten. Als de bij gestoken heeft sterft ze.

Korenmaat Bijen 20140601_FAM8161-2

Bijen-weetjes

  • Een koningin kan in de zomer wel 1500 eitjes per dag leggen.
  • In de winter blijven de bijen binnen. Dan is het buiten veel te koud. De bijen stoppen met werken en kruipen dicht tegen hun koningin aan. Ze slapen de hele winter en snoepen af en toe wat van de honing. Als in de lente de zon weer gaat schijnen worden ze wakker. Ze gaan dan weer hard aan het werk.
  • Werksters doen veel meer dan cellen bouwen: Ze maken schoon, verzorgen, voeren en verdedigen. Ze zijn de drukste bijen van de bijenkast.
  • Koninginnenbrij is een soort pasta dat gemaakt wordt door de werksters. Dit krijgen de larven maar heel kort. Daarna eten ze bijenbrood, dat gemaakt is van stuifmeel gemengd met honing.
  • ’s Morgens heel vroeg vliegen de werkbijen de korf uit om eten te halen. Dit halen ze uit mooie, kleurige bloemen. Als ze deze gevonden hebben, maken ze een dansje. Zo nodigen ze de andere bijen uit om hier ook nectar te komen halen.
  • Lust jij ook zo graag honing? Het is lekker zoet op je brood of in je thee. Mensen gebruiken al heel lang honing. Niet alleen om te eten, maar ook om er allerlei kwalen mee te genezen en wonden te ontsmetten.
  • Er zijn veel bedreigingen voor bijen:
    – de biodiversiteit op het platteland is sterk gedaald door monocultuur
    – op grote akkers komen weinig wilde bloemen meer voor
    – veel bijen sterven door bestrijdingsmiddelen (zowel in de landbouw als de middelen die we gebruiken in onze tuinen om onkruid en ongedierte te bestrijden)
    Dit zorgt ervoor dat er steeds minder bijen zijn. Door de manier van voedsel zoeken, leveren bijen een grote bijdrage aan de bestuiving van diverse bloemen. De bedreiging van bijen is dan ook direct een bedreiging voor onze eigen voedselvoorziening. Geen bijen, dan ook geen nieuwe appels aan de boom…

Stadsboerderij De Korenmaat is onderdeel van Natuurcentrum Arnhem